Wat is dat, Timelab ? Dat is zonder twijfel de meest voorkomende vraag die ik de voorbije 10 jaar heb gehoord. Niet eenduidig kunnen antwoorden op deze vraag voelde altijd als een beperking. Een ongemakkelijk gevoel. Een tekortkoming. Een rusteloos blijven zoeken naar de definitie. Maar het lijkt alsof het eindpunt van deze denkoefening me steeds ontglipt. Zoals het getal PI, lijkt ook deze hersenkraker de oneindigheid in zich te dragen.

Met gebogen hoofd antwoord ik dan: Wat brengt jou hier? Wat maakt jou onrustig in wat je ziet? Wat triggert jou? Wat zou je graag anders zien? Hoe zou het voor jou duidelijker kunnen zijn?

Het antwoord was vaak te herleiden tot: een pitch. Simpel toch? Cursussen alom en hop.

Onder druk van de pitch generatie en pechakucha mythe kwamen ontelbare pogingen. Communicatiebureaus braken zich de kop. Brainstorms meanderden door poëtische en metaforische omschrijvingen van ecosystemen en elektrische circuits. Van stadslabo, over incubator tot klasse van hackers tot open protocol voor de stad van morgen. Het “experimentele labo voor samenwerkingsmodellen”, die hield het langste stand.

 Al deze omschrijvingen kloppen nog steeds, alleen, wandelaars weten het, de horizon verandert naarmate je verder stapt. Zolang we tenminste geloven dat de aarde rond is. Of toch minstens ovaal.

Het is precies dat voortschrijdend inzicht, ontwerpend of praktisch onderzoek, lean & agile, jugaad, DIY, van open source tot open einde, Système D of wabi sabi. Allemaal gaan ze terug tot dezelfde logica: het dna van de beweging. Het zenuwstelsel van de tijd.

En hier sta ik dan, na 10 jaar, voor De Schuur in ruwbouw, nog niet helemaal klaar voor de volgende levensfase van de organisatie en opnieuw voor die opgave, met zweet in de handen.

ik mijmer en zoek houvast in het verleden. Ritme in de tijd. Ankerpunten in een logisch verloop.

Al wandelend verkennen we bij Timelab al 10 jaar hoe we kunnen samenwerken. Overheen domeinen, disciplines en achtergronden. De Quintuple Helix samenwerking beoefenen we lang voor we de term leerde kennen. Wat niet wil zeggen dat we de magische formule gekraakt hebben. Laat ons zeggen dat We tried, failed, tried again and failed better (S. Beckett) Burgers, organisaties, ondernemers, kennisinstellingen en overheid, deze vijf perspectieven zijn cruciaal om de complexiteit van vraagstukken waar we als samenleving voor staan te kunnen ontwarren. En wat levert die samenwerking op? Iets van gemeenschappelijk belang. Zo kwamen de Commons in mijn leven. Commons is de benaming van een logica, een mentaliteit, een protocol voor samenwerking dat gebaseerd is op een andere logica dan die van de markt en van de staat. De ontdekking van de Urbane Commons – als een geactualiseerde versie van een middeleeuws concept – werkte als een tipje van de sluier op het enigma dat Timelab heet.  

De eerste drie jaar onderzochten we hoe open community’s werken met het fablab als metafoor voor de open-einde-samenwerking. Het gaat over concrete projecten en een wereldwijde hyperdisciplinaire procesvorming. 

Met Niets is Verloren (2014) braken we uit de muren van het lab de stad in. De aanvoerder was de kunst, de samenwerking was niet vijf, maar zevenvoudig waarbij de Vlaamse TV en hogeschool KASK de quintuple helix aanvulden. 150 mensen namen deel aan een brainstorm en zeven co-creatieprojecten zagen het licht. Drie hiervan zijn vandaag nog steeds in leven en succesvol: Ginderella, knotplex en het Spilvarken.

In 2017 opende NEST haar deuren. De tijdelijke invulling van de oude stadsbibliotheek aan het Zuid in Gent. Gemotiveerd omdat de oude bibliotheek een landmark is in veel van onze harten. Maar ook benieuwd naar hoe een commons zich zou kunnen ontwikkelen vanuit de vaste vorm en complexiteit van een openbaar gebouw van 6000 M2. Wie deelt wat? Wat is gedeeld? Wat is gemeen? Het was een experiment waarbij het risico van de investering in een tijdelijke invulling van een gebouw zo centraal gelegen en deels beschermd, kan gedragen worden door een grote groep mensen. 45 bij de start, na een paar maand waren er al over de 150 initiatieven. 13 typeruimtes waar kleine en grotere groepen van samenwerkingen zich organiseerden in een aanbod voor alle Gentenaars en daarbuiten. Iedere groep had een verantwoordelijke en aandeelhouder in de cooperatieve vennootschap Stadslabo cvba. Niet iedereen was het over alles eens, maar wat zeker is voor iedereen die in dit avontuur betrokken was, het was bijzonder leerrijk. De ambitie was een polycentrisch organisatiemodel. Het werd een praktisch onderzoek over macht, verantwoordelijkheden, flexibiliteit en veerkracht van de urbane commons. NEST gaf ons een belangrijk inzicht. Stap per stap naar een zachte beweging neem je als procesbegeleider een onderhoudende positie in. Net zoals een tuinman neem je enkel actie wanneer het nodig is. Geen grote gebaren, maar kleine zorgvuldige acties op basis van directe observatie. En nog belangrijker: Verandering zit in de hoofden en harten van de mensen en niet in een plan, contract of een visienota. Echte verandering vraagt tijd en zorg voor mensen.

 

2019. We ronden dit najaar een driejarig traject af in Roeselare. RSL op Post is de ontwikkeling van de voormalige post in centrum Roeselare. Een opdracht voor de Stad Roeselare en het OCMW. Alle aandacht ging hier naar mensen, relaties, zorg en veiligheid. Ambitie nummer 1 was: wanneer je het gebouw binnenwandelt weet en zie je niet wie OCMW client is en wie niet. Met een focus op talentontwikkeling, samenwerking en cultureel aanbod voor een breed publiek werd RSL op Post de plek waar de maker in ieder van ons een kans krijgt zich te ontplooien. Hier zien we de kracht van de individuele verhalen waarin de kiem zit van echte duurzame transitie die begint bij de mensen zelf.

 

Binnen een klein jaar openen de poorten van De Schuur nabij Dampoort. Als een vrijplaats, een opslagplaats voor barre tijden, als een schurende plek in de stad. De Schuur onderzoekt de kansen van een nieuwe economie op schaal van de buurt. Circulair, efficient en veerkrachtig.  De Schuur is misschien wel de grootste uitdaging van ze allemaal. We gaan voor 27 jaar en een polycentrisch organisatiemodel waar opnieuw stadslabo cvba een plek in krijgt. 

Het wordt een plek waar om en bij 100 mensen sterk betrokken zijn in maar liefst 8 verschillende en verbonden labo’s. Het makerslab, uiteraard, maar ook een materialenlab, een energielab, een waterlab, een textiellab, een School of Commons, een labo voor lichaam en gezondheid en een programma gemaakt door de buurt. 

Het wordt een plek waar commons worden gemaakt en energie wordt gedeeld. Misschien komt er wel een eigen munt of een datanetwerk voor de buurt. Maar alleen wanneer dit wenselijk is.

De vraag die ons bezighoudt is : wat geven we terug aan onze buurt. Hoe versterken we het weefsel vanuit de gedachten dat we samen iets gemeen onderhouden, namelijk, onze toekomst en die van onze kinderen.

Het wordt een plek waar kwetsbaarheid en imperfectie kracht is. Waar niets ooit af is. En dat is ok.